02-03-2026

Te verheven voor politieke spelletjes?

 

Hoe de eerste vrouwelijke politici in Nederland zich niet lieten intimideren

Begin twintigste eeuw werd politiek gezien als een mannenzaak: een smerige aangelegenheid waar vrouwen te verheven voor waren. De eerste vrouwelijke politici lieten zich niet afschrikken door dit vooroordeel. Zij zagen het kiesrecht als een kans om wetten en regels te veranderen en discriminatie uit te bannen. Na de invoering van het passief stemrecht in 1917 stelden honderden vrouwen zich verkiesbaar voor gemeenteraad, Provinciale Staten of Staten-Generaal. Margit van der Steen van het Huygens Instituut onderzocht deze pioniers en schreef er een boek over.

Afbeelding: Berendina Stoel-Nieuwhof (1878-1952) werd namens de SDAP gekozen als een van de eerste vrouwelijke leden van de Zwolse gemeenteraad. Ze zat in de commissies openbare bewaarscholen, kindervoeding en woningbouw. Foto uit 1923. Collectie Historisch Centrum Overijssel.

Op de voorkant van haar boek ‘ware wonderdieren’ De eerste vrouwen in de Nederlandse politiek (1917-1927) staat een groepsfoto uit 1924 van vrouwelijke gemeenteraadsleden tijdens een landelijke scholingsdag van de SDAP (de voorloper van de PvdA). Margit van der Steen: ‘Ze leerden het politieke ambacht, bijvoorbeeld van wethouders over hoe je een begroting moest lezen. Partijgenote Carry Pothuis-Smit, de eerste vrouwelijke senator, gaf advies over spreken in het openbaar. Vrouwen, zo vond zij, moesten niet meteen weer gaan zitten nadat gezegd was wat gezegd moest worden maar de discussie aangaan.’

Wat niet betekent dat de eerste vrouwelijke politici makke schapen waren. Margit van der Steen: ‘Het heeft me positief verrast hoeveel ambitie en vechtlust deze vrouwen bezaten. Dat moest ook wel: om jezelf te kandideren en staande zien te houden in een politieke arena waar je niet met open armen wordt ontvangen; daarvoor moet je stevig in je schoenen staan en bereid zijn de strijd aan te gaan.’

Opboksen tegen weerstand en vooroordeel

‘Intimidatie en vuile spelletjes, wat we tegenwoordig een “sociaal onveilige werkomgeving” noemen, daar hadden vrouwen toen ook al mee te maken,’ vertelt Margit van der Steen. ‘Het verschil tussen nu en een eeuw geleden is dat vrouwelijke politici zich vandaag de dag niet meer hoeven te bewijzen. Het is duidelijk dat vrouwen uitstekende raadsleden, ministers, wethouders en burgemeesters kunnen zijn.’

De eerste vrouwelijke gemeenteraadsleden moesten opboksen tegen weerstand en vooroordeel. Desondanks veroverden honderden vrouwen een zetel tijdens de diverse gemeenteraadsverkiezingen vanaf 1917. Margit van der Steen: ‘De eerste vrouwelijke politici in de gemeenteraden, maar ook de Staten-Generaal en Provinciale Staten, zijn allemaal door mannen gekozen.’

Vrouwen stemden niet automatisch op vrouwen

Pas in 1919 werd het actief stemrecht voor vrouwen van kracht. Margit van der Steen: ‘Dat pakte anders uit dan velen hadden gehoopt. Tot teleurstelling van vooral liberale vrouwelijke politici vertaalde het algemeen kiesrecht zich in zetelwinst voor de confessionele partijen die tegen het vrouwenkiesrecht waren geweest. Vrouwelijke kiezers bleken hun stem niet per se aan vrouwelijke kandidaten te geven.

Eiske ten Bos-Harkema (1885-1962) was namens de SDAP de eerste vrouwelijke wethouder in Gasselte, Groningen. Ze streed tegen armoede en werkloosheid en voor meer rechten voor arbeiders. Toen ze het grensoverschrijdende gedrag van een politieagent aan de kaak stelde, belandde zij, en niet hij, in de gevangenis.

Een gigantische uitzoekklus

Dankzij de grootschalige digitalisering van historische bronnen kwamen de eerste vrouwen in de Nederlandse gemeenteraden in beeld. Margit van der Steen: ‘De verkiezingsuitslagen van 1919 werden nog niet centraal bijgehouden, maar stonden in lokale kranten. Die kon ik via Delpher digitaal doorzoeken om gegevens over de gekozen raadsleden te vinden. Op basis van hun namen zocht ik verder via genealogische websites, om te achterhalen met wie ze getrouwd waren, hoeveel kinderen ze hadden en wat hun maatschappelijke achtergrond was.’

‘Omdat er toentertijd meer dan 1.000 gemeenten waren, was dit een gigantische uitzoekklus, echt monnikenwerk. Het is de bedoeling de gegevens over de afzonderlijke vrouwen via het Huygens Instituut beschikbaar te maken voor verder onderzoek.’

Achter ‘klein bier’ gaat een zeker mensbeeld schuil

De komst van vrouwelijke politici had invloed op de politieke agenda, concludeert Margit van der Steen. Of ze nu sociaaldemocratisch of liberaal waren, vrouwen brachten hun eigen onderwerpen mee. Zoals de uitbreiding van het zwangerschapsverlof en het openstellen van het burgemeestersambt voor vrouwen. Op lokaal niveau vroegen de gemeenteraadsleden om gratis melk en warme sloffen in de winter voor arme kinderen, kraamkamers in het ziekenhuis en een betere opleiding en bezoldiging van vroedvrouwen.

Margit van der Steen: ‘Zulke onderwerpen lijken misschien “klein bier”, maar raken aan een belangrijke politieke vraag: wie is waarvoor verantwoordelijk? Is de zorg voor de zwaksten een kwestie van liefdadigheid, of hoort dit tot de taak van de gemeente? Moeten vrouwen zelf voor ondersteuning bij een bevalling zorgen, of zijn daar gemeenschappelijke voorzieningen voor nodig? Veel van de eerste vrouwelijke politici werkten vanuit de overtuiging dat dit een taak van de gemeenschap was.’

Bestel het boek


‘ware wonderdieren’ De eerste vrouwen in de Nederlandse politiek (1917-1927), Margit van der Steen (Uitgeverij Boom). Naar de website. Het eerste exemplaar werd in ontvangst genomen door Sheila Sitalsing, politiek commentator bij de Volkskrant.