Israels Letters
| Looptijd: | 2008-2025 |
Van epistel tot kattenbelletje: brieven en ansichtkaarten van Isaac Israëls aan Jo van Gogh-Bonger
Israels Letters biedt een digitale, integraal toegankelijke editie van alle bewaard gebleven brieven en ansichtkaarten die de kunstenaar Isaac Israëls (1865–1934) tussen 1891 en 1924 schreef aan Jo van Gogh-Bonger (1862–1925), de echtgenote van Theo en schoonzus van Vincent van Gogh. De brieven zijn toegankelijk gemaakt door het Huygens Instituut in samenwerking met het Van Gogh Museum onder leiding van editeur Hans Luijten.
Afbeelding: Isaac Israëls, Lezende vrouw met rode hoed naast Van Goghs Zonnebloemen, 1915-1920 (detail). Amsterdam, Van Gogh Museum (Vincent van Gogh Stichting).
De uitgave biedt een unieke inkijk in de vriendschap en in de eerste aanzetten tot Vincent van Goghs latere roem. Israëls schrijft op een diepzinnige manier over kunst, literatuur, muziek, liefde en vriendschap, en over het werk van Vincent van Gogh, dat hem al vroeg diep raakte.
88 brieven, 13 briefkaarten en 2 ansichtkaarten
De 103 brieven (om precies te zijn: 88 brieven, 13 briefkaarten en 2 ansichtkaarten) zijn afkomstig uit een nalatenschap en werden in 2008 beschikbaar gesteld voor Alles voor Vincent, de biografie van Jo van Gogh-Bonger. Sindsdien maken de brieven deel uit van de collectie van de Vincent van Gogh Stichting, beheerd door het Van Gogh Museum. Voor de digitale editie zijn alle originele brieven getranscribeerd en verrijkt met uitleg en context. Ook zijn in de editie afbeeldingen opgenomen van alle kunstwerken die in de brieven worden genoemd.
De vrouw die Vincent van Gogh beroemd maakte
Jo trouwde in 1889 met Theo van Gogh, die kunsthandelaar was in Parijs. Via hem raakte zij vertrouwd met het werk van Vincent en met de kunsthandel. Pas na zijn dood in 1891 nam Jo de verantwoordelijkheid op zich voor het beheer en de verspreiding van de nalatenschap van zowel Theo als Vincent. Na Theo’s overlijden in 1891 zou zij zich haar hele verdere leven wijden aan het bekendmaken van de kunst en de brieven van Van Gogh.

Isaac Israëls, Jo van Gogh-Bonger, 1924 (detail). Amsterdam, Van Gogh Museum (Vincent van Gogh Stichting).
Jo verhuisde van Parijs naar Bussum en begon daar pension Villa Helma, waar veel vrienden, kunstenaars en intellectuelen over de vloer kwamen. Zo leerde ze de kunstwereld beter kennen. Een paar jaar later kwam haar briefwisseling met Isaac Israëls op gang.
Een gemoedelijke vriendschap
De brieven van Isaac aan Jo beslaan meer dan dertig jaar en laten een warme, soms speelse relatie zien. Naast lange, inhoudelijke epistels bevatten ze ook alledaagse kattenbelletjes zoals uitnodigingen en bedankjes, bijvoorbeeld voor het terugsturen van een geleend boek.
‘Die vent durft wat met zijn kleuren!’
De brieven laten zien dat Israëls veel bewondering had voor het werk van Vincent van Gogh. Vooral het gebruik van kleuren maakte grote indruk op hem, en hij zou zelfs een kreet van bewondering hebben geslaakt: ‘Die vent durft wat met zijn kleuren!’
‘Vincenten’
Na 1914 leende Jo verschillende keren Van Gogh-schilderijen uit aan Isaac. Hij zette die in zijn atelier in Den Haag en gebruikte ze als achtergrond voor zijn eigen schilderijen. In totaal zijn 17 werken van hem bekend waarin een werk van Van Gogh te zien is, van De slaapkamer tot verschillende versies van de Zonnebloemen. Isaac had er zelfs een werkwoord voor bedacht: Vincenten. ‘Ik ben nog steeds erg aan ’t Vincenten,’ schreef hij op 20 februari 1916 aan Jo. (Brief 083)
De digitale editie Israels Letters
De tweetalige digitale editie (Nederlands en Engels) biedt:
• Scans en leesteksten van alle 103 brieven
• Toelichtingen bij personen, plaatsen en gebeurtenissen
• Illustraties en verwijzingen naar werken van Israëls en Van Gogh die in de brieven worden genoemd
Kunstenaarsbrieven
De Israels Letters maakt deel uit van het overkoepelende project Kunstenaarsbrieven, waarin ook de correspondenties van Vincent van Gogh en Piet Mondriaan zijn opgenomen.
Tentoonstelling
Bij het verschijnen van de digitale editie wijdde het Van Gogh Museum Amsterdam een tentoonstelling aan de brieven van Isaac Israëls aan Jo van Gogh-Bonger: In de ban van Vincent, met portretten die Israëls van haar maakte en twaalf van zijn schilderijen waarop een werk van Van Gogh op de achtergrond te zien is.
Het moet voor een schilder wat zijn geweest om een werk van Van Gogh in het eigen atelier te hebben staan. In december 1915, nadat Jo hem enkele schilderijen had gestuurd, schreef Isaac met gepaste nederigheid en een knipoog naar het idee van ruilen met een werk van Van Gogh: ‘Ik vind ’t erg aardig dat je mij die schilderijen stuurt, ofschoon – eenmaal hier is ’t wel vervelend om ze weer terug te moeten sturen! Het is pronken met een andermans veeren. Heb je niet lust om nog wat te ruilen??????’ En voegde er later aan toe: ‘Het is wel curieus de dingen hier te zien’. (Brief 079)

Isaac Israëls, Vrouw voor Van Goghs Zonnebloemen, 1915-1920 (detail). Amsterdam, Van Gogh Museum (Vincent van Gogh Stichting).
Israëls gebruikte de Van Goghs als achtergrond voor portretten, om personen en objecten op de voorgrond extra te laten opvallen. Dat deed hij door sterke kleurcontrasten te gebruiken, zoals fel rood, blauw en paars tegen het geel dat Van Gogh vaak gebruikte. Tegelijk gaf hij zijn werk meer allure door het te verbinden aan het werk van Van Gogh, die dankzij de inspanningen van Jo postuum een rijzende ster was in de kunstwereld.
Blijkbaar inspireerde de schilderijen hem om het beste uit zichzelf te halen als kunstenaar. Zo schreef hij in oktober 1916 aan Jo: ‘Ik heb onlangs warendig een bestelling gekregen om een dame te schilderen maar aangezien ik de zonnebloemen niet meer had om die kop tegenaan te schilderen is zij totaal mislukt, dus wees maar blij dat je er niet was anders had ik je dat schilderij weer te leen gevraagd.’ (Brief 092)
