22-12-2025

Een digitaal venster op het verleden

Isaac Israëls aan Jo van Gogh-Bonger. Aan boord van het stoomschip Koningin der Nederlanden op de Indische Oceaan, 22 november 1921 (brief 096).

Kunst, vriendschap en inspiratie in 103 brieven

De brieven aan Jo van Gogh‑Bonger en Isaac Israëls vormt een intieme inkijk in de artistieke en persoonlijke leefwereld van beiden. Tussen 1891 en 1924 schreef Israëls haar 103 brieven; over thema’s als kunst, muziek, vriendschap en liefde; soms speels, soms intiem. Die van haar aan hem zijn niet overgedragen. Wat wel is gedeeld, biedt een rijke blik op hun wederzijdse bewondering en hun gedeelde passie voor kunst. Van de wetenschapsredactie.

Onderzoeker Hans Luijten licht toe: ‘De brieven geven een nieuw perspectief op Van Gogh‑Bonger en vullen haar dagboeken en andere correspondentie prachtig aan. Ze laten bovendien zien hoe Israëls op minstens zeventien van zijn schilderijen motieven van Vincent van Gogh wist te verwerken.’ Een mooi voorbeeld daarvan is Vrouw in profiel, voor Zonnebloemen, waarin Israëls letterlijk en figuurlijk het werk van de wereldberoemde schilder een plaats gaf in zijn eigen kunst.

Isaac Israëls (1965-1934), Vrouw in profiel, voor de Zonnebloemen van Van Gogh, 1915-1920, Museum de Fundatie, Zwolle (foto: Heino/Wije).

Jo van Gogh‑Bonger als netwerker

De brieven en werken in de tentoonstelling laten zien hoe Van Gogh‑Bonger zich ontwikkelde tot een invloedrijk figuur binnen de kunstwereld van het begin van de twintigste eeuw. Na de dood van haar echtgenoot Theo wijdde zij haar leven aan het onder de aandacht brengen en verspreiden van het werk van Vincent van Gogh. Ze organiseerde tentoonstellingen, leende werken uit aan musea en verzamelaars, en publiceerde in 1914 de beroemde uitgave van Vincents brieven aan Theo.

‘Met die uitgave,’ vertelt Luijten, ‘legde ze de basis voor de groeiende waardering van Van Gogh als kunstenaar. Dankzij haar inzet kreeg hij de bekendheid die hij bij leven nooit heeft gekend.’ Daarmee werd Van Gogh Bonger niet alleen de beheerder van zijn nalatenschap, maar ook een bepalende factor in zijn latere bekendheid.

Een digitaal venster op het verleden

De nieuwe digitale editie van Israëls’ brieven, te raadplegen via israelsletters.org, maakt deze historische correspondentie toegankelijk voor een breed publiek. De editie is ontwikkeld door het Huygens Instituut en de Digitale Infrastructuur van het KNAW Humanities Cluster, die samen een duurzame en wetenschappelijk verantwoorde basis hebben gecreëerd.

De brieven zijn volledig doorzoekbaar, voorzien van annotaties en gekoppeld aan kunstwerken, foto’s en documenten die in de correspondentie worden genoemd. Bram Buitendijk van Digitale Infrastructuur legt uit: ‘De digitale infrastructuur maakt het mogelijk om in het hele corpus verbanden te ontdekken. Wat in een papieren versie dagen kost, zie je hier met een paar zoekopdrachten.’

De editie is opgebouwd volgens de standaarden van het Text Encoding Initiative (TEI), waardoor de data duurzaam bewaard blijft en wereldwijd vrij toegankelijk is. ‘Wat er ook met de editie gebeurt,’ vertellen Elli Bleeker en Peter Boot van het Huygens Instituut, ‘de onderliggende informatie ligt vast in een formaat dat ook in de toekomst goed te lezen en te gebruiken blijft. Bovendien is de digitale editie 24 uur per dag gratis beschikbaar; ook op plekken waar goede bibliotheken en archieven niet vanzelfsprekend zijn.’

Nieuwe onderzoeksperspectieven door digitalisering

De koppeling tussen fysieke en digitale bronnen verandert de manier waarop kunsthistorici werken. ‘Onderzoekers kunnen nu veel eenvoudiger verbanden leggen tussen personen, plaatsen, kunstwerken en gebeurtenissen,’ zegt Luijten. Zo vond hij in Israëls’ brieven bijvoorbeeld verwijzingen naar ‘het laantje’, waarmee Israëls verwees naar Van Goghs schilderij Het Gele Huis (De straat). Dankzij digitale annotaties is dat nu direct te herleiden tot de tentoonstelling waarover Israëls schreef.

Isaac Israëls aan Jo van Gogh-Bonger over ‘het laantje’. Den Haag, 25 november 1915 (brief 076).

De digitale omgeving maakt het bovendien mogelijk de brieven tot in detail te bestuderen. Door in te zoomen kunnen onderzoekers en andere geïnteresseerden de oorspronkelijke spelling, doorhalingen en notities in de marge bekijken. Luijten: ‘Dat vergroot niet alleen de historische beleving, maar laat ook de menselijke kant van de correspondentie zien. Daarmee is de digitale editie niet alleen waardevol voor wetenschappers, maar ook voor iedereen die geïnteresseerd is in kunst, geschiedenis en persoonlijke verhalen.’

Erfgoed laten leven met moderne technologie

De samenwerking tussen het Van Gogh Museum, het Huygens Instituut en Digitale Infrastructuur laat zien hoe moderne technologie historisch erfgoed nieuw leven kan inblazen. Door fysieke werken te combineren met digitale context, ontstaat een dynamische ervaring die het verleden tastbaar en toegankelijk maakt.

De tentoonstelling benadrukt opnieuw de rol van Jo van Gogh‑Bonger als de beheerder van Van Goghs nalatenschap. Zij beheerde niet alleen zijn werk, maar onderhield contacten met kunstenaars en verzamelaars, leende schilderijen uit en zorgde ervoor dat Van Goghs oeuvre een blijvende plaats kreeg binnen de moderne kunstgeschiedenis.

Bezoek de tentoonstelling in het Van Gogh Museum (te zien t/m 25 januari 2026) of in De Mesdag Collectie in Den Haag (te zien van 20 februari t/m 9 juni 2026) en ontdek de brieven via israelsletters.org.