Nederlands | English
 

Stage als hobby

 

Een stage zoeken als geschiedenisstudent kan een uitdaging zijn. De meeste studenten vinden uiteindelijk wel een plek, sommige hebben pech.

 

Na tientallen sollicitaties was ik er zeker van dat ik bij de laatste groep hoorde. Totdat ik me opeens bedacht dat prof. dr. Henk Nellen bij het Huygens ING werkte. Hij had op de Erasmus Universiteit Rotterdam een zeer interessante collegereeks gegeven over oorlog en moraal in de zeventiende eeuw en ik vroeg me af wat het Huygens nu precies deed. Na wat verkenning online en een aantal aanwijzingen van Henk Nellen heb ik via hem kunnen solliciteren en bleek dat ik misschien wel meer geluk heb gehad dan al mijn medestudenten tezamen. Dr. Suzan van Dijk was toevallig net op zoek gegaan naar een stagiair die zich voor het HERA Travelling TexTs-project in wilde zetten om archiefmateriaal uit het Letterkundig Museum te bestuderen. Daarmee viel ik met mijn neus in de boter. Voor een periode van ruim tien weken kon ik me bezig houden met enorme stapels brieven en andere teksten van de tientallen negentiende-eeuwse Nederlandse schrijfsters wier geschreven herinneringen in het Museum terecht zijn gekomen.

De interesse in archiefmateriaal is misschien wel het grootste verschil tussen iemand die met geschiedenis bezig is en iemand die liever zo snel mogelijk vergeet dat het ooit op de middelbare school geleerd moest worden. Stoffige brieven, kriebelige handschriften, ouderwets taalgebruik, het zal je hobby maar zijn en dat is dan ook precies wat het is. Elk onduidelijk geschreven woord ontrafelen is een overwinning, elk verband tussen brieven fascinerend en elke nog ongeopende map een fijne verrassing. Ik kom leuke dingen tegen zoals een meisje dat altijd haar brieven aan een voor die tijd bekende schrijfster begint met ‘Lieve Dikkertje’. Daartegenover vind ik tragische gebeurtenissen zoals de vermoedelijke doodsoorzaak van de jonge dichteres Johanna Constantia Cleve, wat zomaar hondsdolheid zou kunnen zijn. Alles een raadsel, alles wacht tot het ontrafeld wordt. Elke beantwoorde vraag levert weer tien nieuwe vragen op. Het maakt dat een volle werkdag voorbij vliegt, de weken met een keer knipperen alweer achter de rug zijn en dat ik nu al een beetje melancholisch wordt omdat de helft er alweer opzit.

Wat daarnaast nog extra het gevoel geeft dat alles zo snel gaat is dat er zoveel te doen is. Via het Huygens ING heb ik bijvoorbeeld de kans gehad een congres bij te wonen over Digital Humanities en een oratie van iemand die benoemd was tot hoogleraar. Hierdoor is er ook de kans om meer mee te krijgen van de werkomgeving in plaats van enkel het werk. Zoals ik al schreef, ik heb ontzettend veel geluk gehad. Het feit dat dit blog onbedoeld tot een reclameplaatje is verworden zegt wat dat betreft meer dan voldoende.

Guus Robroeks