Nederlands | English
 

Johan de Witt: lees het blog en kom naar het congres

Tijdens het werk aan de brieven van Johan de Witt komen er vaak bijzondere zaken naar boven. Dat kunnen noemenswaardige personen zijn, vreemde voorvallen, persoonlijke voorvallen, opvallende materiële zaken, enzovoort. Vooruitlopend op de openstelling van het Johan de Witt-archief door het Nationaal Archief, wordt een blog met regelmaat bijgehouden op de website van het project.

Blog: Johan en Treesje

‘Het is niet nodig mijn handkussen aan uw handlangster over te brengen, want, hoewel mijn lichaam door een ernstige belemmering wordt tegengehouden, ben ik in gedachten bij haar en ook mijn ziel aanbidt haar onophoudelijk.’ Dit vrij uit het Frans vertaalde curieuze naschrift van Johan de Witt in een brief aan Amélie van Brederode roept een aantal vragen op. Waarom en wanneer heeft de raadpensionaris dit geschreven en wie is deze handlangster die zijn gedachten zo in beslag neemt?

20170226_johanentreesje_fragmentminuut

Fragment van minuut van Johan de Witt aan Amélie van Brederode, 16 januari 1654, NL-HaNA Raadpensionaris De Witt 3.01.17, inv. nr. 2645

De brief schreef Johan op 16 januari 1654 per ommegaande in antwoord op een brief van Amélie van Brederode (1625-1665) waarin zij hem verzoekt om verlenging van het militair verlof van haar echtgenoot Albrecht Hendrik (?-1660), baron van Slavata. De handlangster waar De Witt in zijn naschrift op doelt is Amélie’s jongste zusje Trajectina van Brederode (1629-1672), door intimi ook wel Treesje genoemd. Amélie en Treesje waren dochters van Anna Johanna gravin van Nassau-Siegen (1594-1636) en Johan Wolfert van Brederode (1599-1655), voorzitter van de Ridderschap van Holland. Lees verder>>>

Congres 18 maart 2017 ‘Vrouwen rondom Johan de Witt’

Projectpagina Johan de Witt

Facebookpagina

Twitter: @johandewittNL