Nederlands | English

Hieronymus van Alphens Inleiding bij Riedel en de Digtkundige verhandelingen vormen onbetwist de kern van zijn poëticale geschriften. Hoewel ze destijds afzonderlijk zijn verschenen, beschouwde Van Alphen ze toch als een samenhangend geheel. Ze worden hier gezamenlijk gepresenteerd onder de verzameltitel Literair- theorethische geschriften. Deze wetenschappelijke uitgave bestaat uit twee delen. De teksten van de Inleiding bij Riedel en de Digtkundige verhandelingen (deel I) worden in het tweede deel (‘Commentaar’) toegelicht in een inleidende beschouwing over Van Alphens literaire theorie, uitgebreide annotaties en een overzicht van de door Van Alphen gebruikte bronnen. Het commentaar maakt vooral duidelijk in welke mate Van Alphen buitenlandse theorieën heeft verwerkt en op welke manier hij deze heeft verweven met zijn eigen observaties. Met zijn inzicht dat een dichter geen imitator moet zijn van de buiten hem gelegen werkelijkheid, maar ‘een mensch, die, door middel der verbeelding of inwendige gewaarwording, harmonisch tot het hart spreekt’ heeft Van Alphen de weg vrijgemaakt voor een nieuwe poëzie, die, vrij van de regels van het classicisme, slechts een directe uitspraak van het eigen gemoed wilde zijn.

Download deel 1

Download deel 2