Nederlands | English

In zijn stadsbeschrijving begint Franco de Vrije bij het prille begin van de stad: Origo urbis. Dat wordt gevolgd door een hoofdstuk waarin hij nader ingaat op de mogelijke oorsprong van de naam ‘Gouda’.
Hij beschrijft de rivieren van Gouda, de (Hollandse) IJssel en de Gouwe, en hun belang voor de stad. Na enige uitweiding over de omvang van de stad en zijn wapenschilden beschrijft hij het, dan al afgebroken, kasteel en zijn bewoners. Daarna volgt een lijst van de heren van de stad. Ook krijgen we enig inzicht in het begrip ‘hofstedegeld’ in Gouda.