Nederlands | English

In het kader van de subsidieronde Vrije Competitie Geesteswetenschappen 2016 heeft NWO een bedrag van € 750.000 toegekend aan Monarchy in Turmoil: Rulers, Courts and Politics in the Netherlands and Germany, c.1780 – c.1820, een gezamenlijk onderzoeksproject van de Universiteit Leiden en het Huygens Instituut voor Nederlandse Geschiedenis.

Het gehonoreerde project onderzoekt de herdefiniëring van het vorstelijke hof in de Noordelijke Nederlanden en in Duitse staten gedurende de periode 1780-1820, toen revoluties en oorlogen de bestaande verhoudingen in Europa ingrijpend veranderden. Hoe gaven vorsten in dit turbulente overgangstijdvak gestalte aan hun hof? Hoe trachtten deze heersers zichzelf, hun elites, onderdanen en medemonarchen over de grens te overtuigen van de legitimiteit van hun verworven positie? Hoe pasten zij zelf binnen het gemoderniseerde staatsbestel, dat hun persoonlijke machtsaanspraak zowel ondersteunde als beperkte? Was de monarch met zijn hof eigenlijk nog, zoals voorheen, het hart van het politieke bestel, of verdween hij geleidelijk naar de marge van de geoliede staatsbureaucratie? Waar kwamen besluiten tot stand en welke groepen trachtten de besluitvorming te beïnvloeden? Kortom: hoe verschoven in de verschillende fasen van de overgangsperiode 1780-1820 de legitimiteitsaanspraken en de praktische politieke besluitvorming in de nabijheid van de monarchen in de Lage Landen en in de aangrenzende Duitse staten?

Boven de drie Noord-Nederlandse vorsten: v.l.n.r. erfstadhouder Willem V, koning Lodewijk Napoleon en koning Willem I. Onder de drie Duitse vorsten: v.l.n.r. Wilhelm IX, landgraaf van Hessen-Kassel, Jérôme Napoleon, koning van Westfalen, en Friedrich Wilhelm III, koning van Pruisen.

Boven de drie Noord-Nederlandse vorsten: v.l.n.r. erfstadhouder Willem V, koning Lodewijk Napoleon en koning Willem I. Onder de drie Duitse vorsten: v.l.n.r. Wilhelm IX, landgraaf van Hessen-Kassel, Jérôme Napoleon, koning van Westfalen, en Friedrich Wilhelm III, koning van Pruisen.

Het project bestudeert de vormgeving van monarchaal gezag in vergelijkend perspectief, zowel diachroon in één gebied als synchroon in nabijgelegen gebieden binnen een zestal cases in de Noordelijke Nederlanden en in het (voormalige) Heilige Roomse Rijk. In elk van de drie deelprojecten staat één van de fasen van de overgangsperiode centraal: het late ancien régime, de Napoleontisch periode en de vroege Restauratie. Steeds worden daarbij dezelfde vragen gesteld over de veranderingen in legitimering en de verschuivingen in de besluitvorming nabij de troon.

Wat het late ancien régime betreft wordt de laatste stadhouder van de Nederlandse Republiek, Willem V, vergeleken met Wilhelm IX, landgraaf van Hessen-Kassel. De broers Louis en Jérôme Bonaparte, die regeerden in respectievelijk de koninkrijken Holland en Westfalen, zijn de voor de hand liggende voorbeelden uit de Napoleontische periode. Ten slotte zal Willem I als monarch van een hersteld en uitgebreid Verenigd Koninkrijk worden vergeleken met een andere Restauratie-vorst, Friedrich Wilhelm III, koning van het door oorlog en bezetting zwaar beproefde Pruisen, dat als kleinste onder de groten kon aanschuiven aan de Wener conferentietafel.

Namens de Universiteit Leiden is prof.dr. Jeroen Duindam als hoofdaanvrager bij het project betrokken. Voor het Huygens ING zijn dat prof.dr. Ida Nijenhuis als mede-aanvrager en dr. Jos Gabriëls als postdoc. Laatstgenoemde zal het onderzoek naar de Napoleontische vorstenhoven uitvoeren. Voor de twee andere deelprojecten zullen promovendi worden geworven.

Het project gaat op 1 september 2017 van start.

Zie ook de projectpagina van de Universiteit Leiden.

Contact

dr. Jos Gabriëls