Subtitel
Circulation of Knowledge and Learned Practices in the 17th-century Dutch Republic. A Web-based Humanities’ Collaboratory on Correspondences
Doel
Onderzoekers ICT-gereedschappen bieden met behulp waarvan zij verschillende verzamelingen van brieven van 17e-eeuwse geleerden kunnen combineren, structureren en analyseren. De informatie over kennisproductie beschikbaar maken voor interdisciplinair onderzoek in de humaniora.
Status
Lopend
Uitvoerders
- Huygens ING, afdeling ICT & Tekst
in samenwerking met
- Descartes Centre van de Universiteit van Utrecht
- Universiteit van Amsterdam (afdeling historische letterkunde)
- Koninklijke Bibliotheek
- DANS
- VKS
Algemene beschrijving
De wetenschappelijke revolutie in de 17e eeuw werd gedreven door talloze ontdekkingen, gedaan in observatoria, op zee, in laboratoria, in de maatschappij en in de bibliotheek. Deze sterke informatietoename vormde de basis voor nieuwe kennis, theorieën en wereldbeschouwingen. De Republiek der Nederlanden speelde een sleutelrol, haar mondiale handelsnetwerk, welvaart en relatief hoge mate van tolerantie maakte de Republiek tot een vrijplaats voor intellectuelen uit alle delen van Europa. Hoe functioneerde dit 17e-eeuwse wetenschappelijke informatiesysteem in de praktijk en hoe werden nieuwe elementen van kennis verwerkt, verspreid en – uiteindelijk – geaccepteerd in de brede kring van de opgeleide gemeenschap?
De 17e-eeuwse Republiek biedt een ideale casus om dit te onderzoeken en de correspondentie tussen wetenschappers is het ideale onderzoeksobject. Tot de publicatie van de eerste wetenschappelijke tijdschriften in de jaren zestig van de 17e eeuw, vormden brieven het meest directe en het belangrijkste communicatiemiddel tussen intellectuelen.
Omwille van dit onderzoek dient een grote hoeveelheid van die correspondentie systematisch te worden geanalyseerd. Om die reden wil een consortium van universiteiten, onderzoeksinstituten en erfgoedinstellingen een multidisciplinaire collaboratory bouwen dat in staat is een groeiend, machine-leesbaar corpus te analyseren. Dit corpus zal aanvankelijk bestaan uit ongeveer 20.000 brieven van geleerden die in de 17e-eeuwse Republiek der Nederlanden leefden en kan op termijn worden uitgebreid.
2009-2012 (Q4)